Standaard gooi ik er van alles in, ook wat er niet in hoort. Ik weet niet hoe het anderen vergaat, maar na verloop van tijd liggen er niet alleen bestek en andere keukenbenodigdheden in mijn keukenla.
Naast de juslepel vind ik dan rode miniknijpertjes waarmee ik de kerstkaarten op hang. Tussen de pizzasnijder en het broodmes liggen potloden, pennen, een gevonden steen en wat knikkers rammelen als ik de la opentrek. Er verdwijnen ook spontaan vorken en aardappelschilmesjes, die ene opscheplepel ben ik al een poosje kwijt. Als ik die nodig denk te hebben, grijp ik dus mis. Dan komt er een tijd dat de la niet meer dicht of open wil, eigenlijk heel simpel, hij is te vol.
Zo af en toe heb ik gevoel dat mijn leven ook net een keukenla is. De agenda in mijn hoofd kent soms geen grenzen. Ik doe er nog wel even iets bij, dat kan ik best. Hier een uurtje en daar een half dagje pikken. Een slechte planner ben ik, want in mijn hoofd kan alles en komt alles altijd goed. Het komt dus wel eens voor dat ik op een ochtend twee afspraken heb, of dat een onverwachts ongelukje een afspraak nakomen onmogelijk maakt. Dan is het even improviseren en uiteindelijk komt het ook wel weer goed. Ik wil te veel, weet ook dat het niet kan. Maar het leven duurt te kort als ik alles wat ik ooit droomde nog wil doen.
Eens in de zoveel tijd moet ik dus flink ruimen. Vandaag was het weer eens zover. In een vlaag van verstandverbijstering besloot ik alles uit de la te gooien of het waren de schommelende hormonen, die mij daar toe zette.
Ik kieper de la leeg op het aanrecht. Een zonnebril die al een poosje zoek was komt onder de stapel vleesmessen vandaan. Nu is het een kwestie van sorteren en vooral ook weggooien.
Tegelijk met het ordenen van de keukenla, heb ik ook schoon schip gemaakt met mijn agenda en gedachten die overbodig in mijn hoofd spoken eruit gegooid. Ik schrap zeven uren werk, daarvoor in de plaats ga ik lekker fietsen, lezen of gewoon niets doen.
Mijn nieuwe schoolagenda heeft op de voorkant een mooie tekst: ‘Niks moet, niksen mag.’ Wat geweest is, is geweest en daarover hoef ik niet meer te piekeren. Bladzijde omslaan en verder gaan. Vandaag telt en vandaag ziet mijn la en leven er weer schoon en opgeruimd uit.
En ik weet over een poosje is het allemaal weer een rommeltje in de la en het leven, ik geloof dat het gewoon bij mij hoort.
Ik zal nooit een goede planner worden. Het is wel goed zo, denk ik nu.